Kwaliteitsstandaarden

Implementatieversie Nederlandse Q4C Standaarden

De lijst

0. Alles is erop gericht om uithuisplaatsing te voorkómen.
Ik woon het liefst thuis of bij familie of bekenden.
1. Jeugdigen en hun familie hebben de regie.
Mijn familie en ik bepalen wat er met mij gebeurt.
2. De jeugdigen worden ondersteund bij de te nemen beslissingen.
Ik krijg hulp bij de keuzes die ik moet maken.
3. Jeugdigen en hun familie worden goed geïnformeerd.
Ik krijg genoeg en de juiste informatie zodat ik een goed besluit kan nemen
4. De juiste hulp wordt zo snel mogelijk geboden.
Ik krijg snel goede hulp en mijn familieleden ook.
5. De plaatsing wordt goed voorbereid en begeleid.
Mijn familie en ik weten goed waar we aan toe zijn als ik ergens word geplaatst.
6. Het hulpverleningsplan garandeert continuïteit, samenhang en resultaten.
Het hulpverleningsplan maakt duidelijk welke en wanneer de doelen worden bereikt.
7. De plaatsing sluit aan bij de achtergrond en behoeften van jeugdigen.
Ik word op een plek geplaatst die bij mij past en waar ik me kan ontwikkelen.
8. De plaatsing en de hulp bieden de jeugdigen een zo gewoon mogelijk leven.
Ik wil geen speciaal geval of uitzondering zijn.
9. Jeugdigen kunnen blijven wonen op een plaats waar zij zich thuis voelen.
Ik wil niet naar een andere plek als ik me goed en thuis voel waar ik woon.
10. Jeugdigen kunnen contact (onder)houden met familie en vrienden.
Ik kan bij mijn familie en vrienden blijven horen en contact met hen hebben.
11. Pleegouders en professionals zijn vaardig in het opvoeden en helpen van jeugdigen.
Ik word goed geholpen bij al mijn vragen en problemen.
12. Pleegouders en professionals luisteren naar jeugdigen en nemen hen serieus.
Ik heb te maken met pleegouders en professionals die geïnteresseerd zijn in mij en mijn mening.
13. Jeugdigen worden gestimuleerd om mee te praten en invloed te hebben op hun leefomgeving.
Daar waar ik verblijf, heb ik inspraak in hoe het er uit ziet en hoe het er aan toegaat .
14. De hulpverlening garandeert de veiligheid van de jeugdigen.
Ik woon op een plek waar ik veilig ben en me thuis voel.
15. Jeugdigen krijgen de mogelijkheid om in contact te komen met leeftijdgenoten in een vergelijkbare situatie.
Ik kan ervaringen uitwisselen en steun en tips krijgen van andere kinderen en jongeren.
16. Jeugdigen kunnen ergens terecht als zij een vraag of een klacht hebben met betrekking tot de hulpverlening.
Ik weet bij wie ik terecht kan als ik het ergens echt niet mee eens ben.
17. Jeugdigen en hun familie worden goed voorbereid op de situatie na het verblijf in een pleeggezin of groep.
Ik weet goed waar ik aan toe ben als ik mijn pleeggezin of leefgroep verlaat.
18. Jongeren worden bijtijds voorbereid op zelfstandig (gaan) wonen.
Alle dingen zijn goed voorbereid en geregeld als ik op mezelf ga wonen.
19. Na vertrek uit de jeugdzorg is ondersteuning gegarandeerd, ook voor de familie.
Als dat nodig is, krijg ik ook hulp als ik niet meer in een groep of pleeggezin woon.

 



Terug naar boven


 
Kwaliteitskader voor Orthopedagogische Behandelcentra

Een boek over specifieke kwaliteitskenmerken van de Orthopedagogische Behandelzorg. Bedoeld als startdocument. (februari 2009)
Lees verder
 
 
Boek Kwaliteitsstandaarden
Een boek over wat kinderen en jongeren belangrijk vinden als ze niet meer thuis wonen.
Verkrijgbaar in de
boekhandel en op internet.
Lees meer