Achtergrond Q4C

2005-2007: De European Q4C-Standards

De Q4C-Kwaliteitsstandaarden vinden hun oorsprong in Europa. In totaal hebben 32 landen in Europa deelgenomen aan een story-telling onderzoek (Quality4Children standards for European out-of-home child care, SOS Kinderdorf et al.; 2007). Klik hier.

2007-2009: De Nederlandse Q4C-Kwaliteitsstandaarden

Om bij te kunnen dragen aan de totstandkoming van de Europese Standards en de ontwikkeling van de Nederlandse standaarden is een Nationaal Team Q4C opgezet. In het Nationaal Team Q4C Nederland hebben een groot aantal organisaties samengewerkt: FICE, IFCO, SOS-Kinderdorpen, Cardea Jeugd en Opvoedhulp, De Bascule Amsterdam, Defence for Children- ECPAT Nederland, De Reeve, Latros Organisatieadvies, IFCO Youth Committee, Landelijk Cliëntenforum Jeugdzorg, Landelijk Kenniscentrum Licht Verstandelijk Gehandicapten, Leger des Heils, Leo Stichting Groep Jeugd en Opvoedhulp, MOgroep Jeugdzorg, Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen, Spirit Jeugd en Opvoedhulp, Trias Jeugd en Opvoedhulp, Universiteit van Leiden (Pedagogische Wetenschappen) en Zandbergen Jeugd en Opvoedhulp. Stichting Alexander en Stichting WESP fungeerden als adviseurs. 

De ontwikkelde standaarden zijn opnieuw vastgesteld rekening houdende met de Nederlandse context, op basis van een kwalitatief onderzoek onder een groot aantal Nederlandse kinderen, jongeren en ouders (Van Beek & Rutjes; 2009). 

De ontwikkeling van de Nederlandse Q4C-Kwaliteitsstandaarden is financieel mogelijk gemaakt door diverse partijen, waaronder Stichting Kinderpostzegels Nederland als hoofdsponsor.

2008-heden: De Stichting Q4C Nederland

In 2008 is de Stichting Q4C Nederland opgericht om de bekendheid van de Q4C-Kwaliteitsstandaarden te vergroten en de praktische toepassing van Q4C een impuls te geven. De stichting zet zich in voor goede zorg voor jongeren die niet bij hun eigen ouders kunnen wonen. Het bestuur bestaat uit Marianne Harten (voorzitter), Xavier Moonen (secretaris), Rik van Beijma (penningmeester), Carry van der Zon (lid), Tin Verstegen (lid). Leo Rutjes (Stichting Alexander) en Mirjam Blaak (Defence for Children) zijn als adviseurs betrokken bij de Stichting Q4C Nederland.

De Stichting Q4C Nederland stelt zich tot doel (uit de stichtingsstatuten): “De verspreiding bevorderen van kennis en toepassing van de in en voor de jeugdzorg ontwikkelde kwaliteitsstandaarden die zijn opgesteld vanuit de optiek van kinderen en jongeren die uit huis zijn geplaatst in de jeugdzorg, de jeugd geestelijke gezondheidszorg en de gehandicaptenzorg, alsmede hun ouders en eventuele pleegouders. De stichting baseert zich hierbij op de uitgangspunten van Quality4Children zoals neergelegd in de internationale standaarden.” De stichting zet zich in voor implementatie van de Nederlandse standaarden in de Nederlandse zorg voor de jeugd. De Stichting Q4C-NL is in 2008 opgericht. De Stichting heeft in 2014 besloten over te gaan tot een proactieve rol in het toezicht op het gedachtegoed en de juiste naleving van de standaarden.

2010-2012: Een toetsend onderzoek

Twee jaar na de oprichting van de Stichting Q4C Nederland heeft er een onderzoek plaatsgevonden waarin is getoetst hoe cliënten aan de hand van de Q4C kwaliteitsstandaarden Jeugdzorg de kwaliteit van zorg van zorgaanbieders en Bureaus Jeugdzorg beoordelen (Rutjes & Sarti; 2012).

Dit onderzoek is financieel mogelijk gemaakt door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, in opdracht van de toenmalige Landelijk Cliëntenforum Jeugdzorg.

2013-2014: Een serie landelijke inspiratiesessies

Met instemming van Stichting Q4C Nederland hebben Stichting Alexander, Defence for Children en LOC - Zeggenschap in Zorg in de periode november 2013 - januari 2014 inspiratiesessies en gesprekken georganiseerd. Meer dan 75 jongeren, ouders, pleegouders, zorgprofessionals, kwaliteitsmedewerkers van instellingen, wetenschappers en relevante bestuurders van instellingen en de overheid deden hier aan mee. De sessies en gesprekken brachten vele nieuwe inzichten in wat nodig is voor een werkelijke integrale inbedding van de standaarden in de jeugdhulp, zowel op bestuurlijk, instellings-, en uitvoeringsniveau en het niveau van kinderen, jongeren en ouders.

Deze sessies zijn financieel mogelijk gemaakt door Stichting Kinderpostzegels Nederland.

Klik hier voor het integraal verslag.

2014-2017: Implementatie en doorontwikkeling

Stichting Alexander en Defence for Children hebben het initiatief genomen om de komende drie jaar samen met jeugdhulpinstellingen, gemeenten en andere organisaties aan de slag te gaan om handen en voeten te geven aan de Q4C-Kwaliteitsstandaarden in een programma dat zich speciaal richt op het vergroten van de bekendheid van Q4C en het bevorderen van de implementatie van Q4C in de jeugdhulp. 

De projecten en het programma worden financieel mogelijk gemaakt door Stichting Kinderpostzegels Nederland, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, diverse gemeenten, instellingen en de provincie Limburg.

kinderpostzegels minvws

 

Q4C helpt bij praktische vertaling VN-Kinderrechtenverdrag

In 1995 ratificeerde de Nederlandse regering het Internationaal Verdrag inzake de Rechten van het Kind (ook wel: VN-Kinderrechtenverdrag of IVRK). Nederland is hiermee de verplichting aangegaan om ervoor te zorgen dat de rechten uit het VN-Kinderrechtenverdrag in Nederland nageleefd worden. Om de rechten van kinderen in de praktijk van de jeugdhulp toe te kunnen passen is nog een vertaalslag nodig. De Internationale Richtlijnen voor alternatieve zorg aan kinderen en de Q4C-Kwaliteitsstandaarden ’ helpen bij deze praktische vertaling. Lees meer over het VN-Kinderrechtenverdrag op: www.kinderrechten.nl

Wereldwijd zijn er miljoenen kinderen die om uiteenlopende redenen opgroeien zonder ouderlijke zorg. In 2004 constateerden UNICEF en International Social Service (ISS) dat de implementatie van de rechten van kinderen zonder ouderlijke zorg in de praktijk veel knelpunten vertoont. De organisaties riepen dan ook op tot ontwikkeling van internationale richtlijnen voor alternatieve zorg aan kinderen. In 2009 verwelkomde de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de Richtlijnen voor alternatieve zorg voor kinderen. 

De Q4C-Kwaliteitsstandaarden zijn het resultaat van een participatief proces waarin kinderen, jongeren, ouders en pleegouders hebben aangegeven wat zij belangrijk vinden bij uithuisplaatsingen. Dit sluit aan bij de eisen die het VN-Kinderrechtenverdrag stelt. Voor alle betrokkenen geldt namelijk dat bij beslissingen die het kind betreffen, het belang van het kind een eerste overweging moet zijn (artikel 3 lid 1 IVRK). Om invulling te kunnen geven aan het belang van het kind is het belangrijk dat zijn of haar mening betrokken wordt in de te maken overwegingen. Daarom moet het kind in staat worden gesteld zijn mening te geven, waaraan vervolgens passend gewicht moet worden toegekend (artikel 12 IVRK). 

De Q4C-Kwaliteitsstandaarden staan in vergelijking met de Internationale Richtlijnen, waar de inbreng van kinderen en ouders een minder grote rol speelde tijdens de totstandkoming, dichter bij de belevingswereld van kinderen en de praktijk van de jeugdhulp. De Internationale Richtlijnen zijn op een aantal punten uitgebreider dan de Q4C-Kwaliteitsstandaarden en bevatten duidelijke opdrachten aan de staat. De Internationale Richtlijnen en de Q4C-Kwaliteitsstandaarden vullen elkaar dus aan en zijn beide noodzakelijke hulpmiddelen voor de implementatie van kinderrechten in de jeugdhulp.